Op Clingendael woonde Arnout Nicolaas Justinus Maria van Brienen van de Groote Lindt, althans in de zomer, want in de winter woonde hij in zijn stadshuis, dat zijn vader had laten bouwen op de hoek van het Lange Voorhout en de Vos in Tuinstraat en waarin in 1881 het trotse Hotel des Indes werd gevestigd. Deze schatrijke koopman/bankier en lid van de Raad van Voogdij over Koningin Wilhelmina, was ook eigenaar van het aangrenzende landgoed Groenendaal. Het huis werd afgebroken en op die plaats werd een baan aangelegd van 2100 m, die in de lengte in tweeën werd gedeeld. De ene helft was bestemd voor vlakkebaanraces, de andere helft werd voorzien van zeven greppels met hindernissen en was bedoeld voor steeple-chases. Aan de zijde van de Buurtweg werd door aannemer Key uit Rotterdam een tribune gebouwd waarop meer dan 2500 bezoekers een plaats konden vinden. Er was ook een restaurant bij, waarin de bekende banketbakker Monchen de inwendige mens verzorgde. Rondom het terrein bevonden zich diverse biertentjes. Op de dag van de opening zorgden een peloton grenadiers, de marechaussee en de huzaren voor de afzetting van het complex.
De eerste wedren, die werd georganiseerd door de Nederlandsche Harddraverij- en Renvereeniging, werd gehouden op 17 augustus 1882.
Reeds om 11 uur ’s morgens stonden de sierlijke equipages en boerenkarren klaar op het middenveld. De tribunes waren getooid met vlaggen en wimpels en vulden zich met feestelijk geklede bezoekers. Voor de verslaggevers was een apart telegraafbureau ingericht en aan de ingang van de renbaan hadden de uit Parijs, Brussel, Londen en Berlijn toegesnelde bookmakers hun tenten opgeslagen. Zij moedigden de bezoekers luidkeels aan een gokje te wagen. Ondertussen verhoogde een muzikaal optreden van de Haagse schutterij de feestvreugde.
Om half twee begon de eerste race om de Clingendaelprijs. Veertien paarden met hun berijders waren ingeschreven. Om drie uur werd gestreden om de Wassenaarprijs in een wedren met hindernissen. Hieraan namen maar vijf paarden deel. Het paard van de vader van prinses Armgard van Lippe-Bisterfeld (de moeder van prins Bernhard) won de prijs van 5000 gulden. Diverse andere races volgden nog die dag, waaraan een groot aantal dravers uit het buitenland deelnamen.
Op 4 januari 1903 overleed Van Brienen, waarmee ook het einde van de gloriedagen van deze tweede renbaan na die in Scheveningen, werd ingezet. De aanleg van het “Hofpleinlijntje” deed de rest. Op de plaats van de renbaan liggen nu sportvelden.
Ed Janson