In het Soerabaijasch Handelsblad van 30 september 1932 trof ik een artikel aan waarin duidelijk gemaakt wordt hoe Wassenaar van een klein boerendorpje in korte tijd uitgegroeid is tot een forensendorp. Deze krant werd van 1865 tot 1942 uitgegeven in Surabaya, de op één na grootste op Java gelegen stad van wat toen nog Nederlandsch Oost Indië heette. Ik neem een gedeelte over.
"Op Wassenaar had men als forensenstad van Den Haag het oog gericht. Er werd daartoe een Maatschappij Oud-Wassenaar opgericht, waarvan de heer J. W. Bakker directeur werd. Zoover was men in het jaar 1907 gekomen. Toen werd er een nieuwe koop gedaan, die het zwaartepunt der exploitatie allengs zou verschuiven naar het boschgebied tusschen Oud-Wassenaar en de duinen: naar het Landgoed Groot-Haesebroek. Er werd op 15 mei 1907 een nieuwe maatschappij opgericht, de maatschappij Groot-Haesebroek met den heer J. Th. Wouters als directeur. De verkoop in zeer kleine stukken werd gestuit, zoodat men de omgeving niet alleen rustig hield, maar ook waakte voor een zeer ruime bebouwing, veel boomen en struiken dus en weinig steen. Zoo was met de ontwikkeling van Wassenaar als forensendorp een begin gemaakt. Maar de forensen kwamen nog niet erg hard. Eén zaak haperde nog: de verbinding met Den Haag. Die was nog gebrekkig. Men moest den aanstaanden bewoners drie zaken kunnen verzekeren: verlichting, watervoorziening en een verbinding met Den Haag. Op de beide eerstgenoemde punten sloeg men aanstonds den juisten weg in door te grijpen naar de modernste kracht: de electriciteit. De maatschappij Oud-Wassenaar begon dadelijk, in 1906, met het inrichten van een kleine centrale in een der voormalige stalgebouwen van het kasteel, bij den achteruitgang aan den Schouwweg. Thans nog hebben verscheidene huizen hun eigen watervoorziening, bestaande uit een artesischen put, waaruit een electrisch pompje het water, zéér goed duinwater, in de woning brengt. Op het derde hoofdpunt echter, de verbinding met Den Haag, heeft men niet dadelijk het juiste middel gegrepen. Eerst werd er, in October 1907, een overeenkomst gesloten met de Haagsche maatschappij Hippos. De rit per paardenbus duurde echter te lang. In Mei 1910 werd het juiste middel aangepakt: de overeenkomst met H.A.T.O. (Haagsche Auto-Taxi Onderneming) die een dienst met autobussen tot stand bracht en later, in 1923, kwam de electrische tram. Weldra werd de exploitatie uitgebreid door aankoop van andere buitenplaatsen, De Pauw en Backershagen. Het Noordoostelijke deel met zijn weiden en hofsteden bleef zuiver agrarisch en ook in de kom van het dorp veranderde in de periode die wij nu bespreken (1910-1923) heel weinig. Ten zuidwesten daarvan echter was er nu een heel nieuw Wassenaar ontstaan dat, in zijn karakter van stadsdorp, niets met het oude Wassenaar gemeen had. Maar het behoorde nu eenmaal tot de gemeente Wassenaar en het kwam zijn aandeel vragen in het bestuur der gemeente, het kwam vragen om voldoening aan zijn verlangens, die lang niet steeds weerklank vonden bij het agrarische deel."
Of dit laatste na ruim tachtig jaar nog het geval is, mag u zelf beoordelen.
[
(Een artesische put is een put waarin het water spontaan naar boven komt. Dit heeft te maken met het hoogteverschil dat kenmerkend is voor de duinen.)
Carl Doeke Eisma
Ansichtkaart van ca. 1920 met de villa Berkenhof in de Kieviet. Deze villa werd in 1915 gebouwd als ‘lokvink’ die mensen er toe moest overhalen een bouwkavel aan te kopen. Rond 1975 werd de villa gesloopt.
De Historische Vereniging Oud Wassenaer heeft getracht de rechthebbenden van afbeeldingen te achterhalen. Degene die de auteursrechten hierop heeft, wordt daarom uitgenodigd met de secretaris contact op te nemen. Voor de duidelijkheid in relatie tot de tekst zijn enkele foto’s bewerkt.