Een uitdrukking, die de laatste tijd vaak – en meestal ten onrechte – gebruikt wordt, is ‘de bekende Nederlander’. In de meeste gevallen heeft men het dan over iemand die niet uit de publiciteit weg te branden is. Dit heeft mede tot gevolg, dat Nederlanders die hier met recht aanspraak op zouden kunnen maken, vergeten worden. Als voorbeeld: wie van u weet wie de ingrijpende plannen voor de Deltawerken ontworpen heeft? Bij navraag is mij tot op heden gebleken, dat niemand weet dat het hier om Johan van Veen gaat.
In ons eigen dorp woonde tot voor kort ook een voor velen onbekende Nederlander, die enkele uitvindingen op zijn naam heeft staan, waardoor een groot aantal molens in ons land nog kan functioneren. Ik doel op ir. P.L.Fauël.
Leen Fauël is op 8 november 1891 in Hendrik Ido Ambacht geboren. Zowel zijn vader als zijn grootvader waren dorpsarts. Al op zevenjarige leeftijd was Leen op de molen ‘den Arend’ in Bergambacht – het gezin was inmiddels verhuisd – te vinden. Na de studie werktuigbouwkunde in Delft afgerond te hebben, heeft hij zich de rest van zijn leven vooral bezig gehouden met de productie van ijs voor industriële doeleinden. Onder andere in Indië, zoals Indonesië in die tijd genoemd werd.
Leen was een verwoed zeiler en als het maar even kon, was hij dan ook met zijn tjotter op de Kagerplassen te vinden. Tijdens één van die zeiltochten viel het hem op, dat de Moppemolen te Alkemade niet kon malen, terwijl zijn bootje wél vooruit kwam. Hij vermoedde, dat dit door het gebruik van de fok kwam en daarom bedacht hij, dat zo’n molen eigenlijk ook fokken zou moeten hebben. In 1934 heeft hij die gedachte in daden omgezet en wel op de molen te Bergambacht. En inderdaad, ook bij weinig wind kwamen de wieken al op gang. Sinds die tijd zijn er zo’n 150 molens van fokwieken voorzien. Zelfs nu nog wordt dit wieksysteem bij nieuwe molens aangebracht.
Totdat hij naar een verzorgingshuis ging, woonde ir. Fauël de laatste jaren van zijn leven samen met zijn vrouw op de Jagerslaan. Beiden hebben de opmerkelijke leeftijd van 101 jaar bereikt! Op 3 juni 1993 is hij, veertien dagen na zijn echtgenote, overleden.
“Iedereen, die het lot van de windmolens en hun landschap ter harte gaat, is hem veel dank verschuldigd. Het wieksysteem zal de naam Fauël en de molens tot in lengte van dagen levend houden”, zo las ik in een molentijdschrift.
Carl Doeke Eisma

Ir. P.L.Fuël legt een zeil voor.