Oud Wassenaer

  • Home
  • Vereniging
    • Wie zijn we en wat doen we
    • Bestuur, commissies, werkgroepen
    • Statuten
    • Huishoudelijk reglement
    • Lid worden
    • Contact
    • Beleidsplan
    • Jaarverslagen
    • Ledenvergadering
    • Privacyverklaring
  • Nieuws
    • Nieuwsberichten
    • Nieuwsarchief
  • Activiteiten
    • Open Monumentendag
    • Cursussen
    • Cursusarchief
    • Excursies
    • Lezingen
    • Monumentenborden
    • Schenkingen
    • Tentoonstellingen
    • Bibliotheek
  • Publicaties
    • Publicaties
    • Capita Selecta
  • Actueel Verleden
  • 2e Wereldoorlog
    • Namenlijst Wassenaarse slachtoffers 2e Wereldoorlog
    • Struikelstenen
    • Verhalen
    • Herdenkingen
    • 80 jaar vrijheid
    • Diverse onderwepen
  • Links
  • Contact
  • Zoek

Oud Wassenaer

  • Home
  • Vereniging
    • Wie zijn we en wat doen we
    • Bestuur, commissies, werkgroepen
    • Statuten
    • Huishoudelijk reglement
    • Lid worden
    • Contact
    • Beleidsplan
    • Jaarverslagen
    • Ledenvergadering
    • Privacyverklaring
  • Nieuws
    • Nieuwsberichten
    • Nieuwsarchief
  • Activiteiten
    • Open Monumentendag
    • Cursussen
    • Cursusarchief
    • Excursies
    • Lezingen
    • Monumentenborden
    • Schenkingen
    • Tentoonstellingen
    • Bibliotheek
  • Publicaties
    • Publicaties
    • Capita Selecta
  • Actueel Verleden
  • 2e Wereldoorlog
    • Namenlijst Wassenaarse slachtoffers 2e Wereldoorlog
    • Struikelstenen
    • Verhalen
    • Herdenkingen
    • 80 jaar vrijheid
    • Diverse onderwepen
  • Links
  • Contact
  • Zoek

Joseph Tuvy (Cornelis de Wittstraat 20)

Joseph Tuvy

Joseph Tuvy wordt geboren op 14 november 1888. Bij de Nederlandse burgerlijke stand is op grond van een door hem meegevoerde Turkse pas altijd Jaffa[1], in het toenmalige Palestina, als geboorteplaats aangehouden. Uit bronnen in Roemenië is echter gebleken dat Joseph, net als zijn zuster en broers, in Craiova[2] (Roemenië) het levenslicht heeft gezien.

Zijn ouders zijn Leon Haim Tuvy (1860-1944) en Rosa Eskenasi (1865-1938). Als Joseph twee jaar is, vindt er in Craiova gezinsuitbreiding plaats wanneer dochter en zusje Sarica (1890-1940) ter wereld komt. Hierna worden nog drie kinderen geboren. Het zijn allen jongens: Alfred (1891-1942), Isac (1893-1942) en Marcel (1895-1943).

De gezinsfoto met daarop de vijf kinderen dateert van vlak voor de voorlaatste eeuwwisseling.

 Tuvy 01

V.l.n.r. Joseph, Sarica, Alfred, Isaac en Marcel, Craiova ca. 1900
(foto: Petra en Pauline Hirschhorn).

 

Vader Leon is handelaar in graan en de vier jongens treden in het voetspoor van hun vader wanneer zij na het lager onderwijs hun studie vervolgen aan de “Öffentliche Handelslehranstalt” in Leipzig. Deze vermaarde onderwijsinstelling geniet internationale faam en leidt op tot ondernemer en koopman. Er wordt niet alleen onderwezen in handelsvakken, maar er is ook aandacht voor algemene kunst, literatuur, muziek en toneel. Na het afronden van hun studie emigreert het gezin rond 1910 vanuit Craiova naar Antwerpen. Sarica blijft achter in Roemenië waar zij in 1911 in het huwelijk treedt met Ionas Hirschhorn (1882-1963). Vermoedelijk vanaf dat moment maakt de Belgische Catherina Elisabeth (Liza) Michiels (1890-1968) als huishoudster deel uit van het gezin Tuvy.

Tuvy 02

Joseph, zittend tweede van links. Öffentliche Handelslehranstalt Leipzig ca. 1909
(foto: Petra en Pauline Hirschhorn).

 

Vier jaar later breekt de Eerste Wereldoorlog uit en wordt België meegesleurd in het conflict tussen de Centralen (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en Italië) en de Geallieerden (Het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Rusland). De Duitse opmars door het noorden van België brengt een enorme vluchtelingenstroom op gang. Tijdens de belegering van de strategisch gelegen havenstad Antwerpen (eind september - begin oktober 1914) ontvluchten veel inwoners de Scheldestad. Na de val van Antwerpen op 10 oktober zijn er ongeveer één miljoen vluchtelingen die een veilig heenkomen zoeken in het neutrale Nederland. Zodra de situatie in België enigszins veilig is, keert een aantal terug. Ongeveer 150.000 vluchtelingen blijven in ons land tot het eind van de oorlog (11 november 1918). Ook Leon en zijn gezin krijgen te maken met de gevolgen van de oorlog en vluchten met Liza naar ons land waar zij een nieuw bestaan hopen op te bouwen. In eerste instantie strijkt het gezin neer in Den Haag. Joseph vertrekt naar Palestina waar hij in Motza[1] op het land werkt. Hij loopt er dysenterie op en als gevolg daarvan heeft hij zijn verdere leven te kampen met een zwakke gezondheid. Hoe lang Joseph in Motza is geweest, is niet meer te achterhalen.

 Tuvy 03

V.l.n.r. Alfred, Marcel, Joseph en Isaac, Rotterdam 1920
(foto: Petra en Pauline Hirschhorn).

 

In 1920 wordt in Rotterdam een gezinskaart aangemaakt waarop aanvankelijk Leon, zijn vrouw Rosa, Alfred en Marcel voorkomen. Later worden Isac en Joseph op de kaart bijgeschreven. Ook Jacob (roepnaam Jacques) Hirschhorn (1921-2011) maakt deel uit van het gezin. Hij is de zoon van Sarica Tuvy en Ionas (Jean) Hirschhorn en wordt beschouwd als pleegzoon van Alfred. Jacques, die door zijn familie Jacki wordt genoemd, groeit op bij zijn oom en grootouders Leon en Rosa op de Eikenlaan in Schiebroek. Het gezin Tuvy is geen lid van de Nederlands Israëlitische Gemeente. Vader Leon heeft met religie en zionisme[1] niet veel op. Tot ongenoegen van zijn vrouw Rosa eet hij varkensvlees.  De kinderen uit het gezin Tuvy zijn inmiddels volwassen, werken en gaan hun eigen weg.

 Tuvy 04

V.l.n.r. staand: Leon, Marcel en Joseph. Zittend: Rosa en Alfred, Scheveningen 1931
(foto: Petra en Pauline Hirschhorn).

 

Joseph, niet gehuwd, leidt een onrustig bestaan. Het vermoeden bestaat dat hij naast een zwakke fysiieke gezondheid ook te maken heeft met psychische klachten. Vanaf 1922 is hij achtereenvolgens woonachtig in Antwerpen, Rotterdam (Poortugaal) en Loosduinen (Bloemendaal).  Mogelijk is hij in de laatste twee plaatsen voor een kort verblijf in de aldaar gevestigde psychiatrische inrichtingen.

 Tuvy 05

V.l.n.r. Joseph, Liza, Rosa en Jacques, 1932
(foto: Petra en Pauline Hirschhorn).

 

In juni 1930 verhuist Joseph naar Wassenaar waar hij inwoont op een adres aan de Persijnlaan. Anderhalf jaar later verblijft hij vanwege zijn zwakke gezondheid gedurende een aantal jaren in een pension in Groot Ammers waar hij o.a. de kippen verzorgt. Joseph beheerst door het vele reizen het Roemeens, Duits, Frans en uiteraard ook het Nederlands. Bovendien kan hij goed pianospelen. Korte tijd woont hij in Capelle a/d IJssel om vervolgens weer in Wassenaar neer te strijken. Vanaf eind maart 1938 woont hij in op het adres Cornelis de Wittstraat 20. Hij en zijn familie houden van de zee en het strand. Regelmatig zoekt Joseph de zee op om er te baden. Bergen aan Zee en Scheveningen zijn favoriet, maar zeker zal hij ook te vinden zijn geweest aan de Wassenaarse Slag. Leon en Rosa brengen de vakanties door in Scheveningen waar ook Liza en Jacques van genieten. ’s Avonds en in het weekend voegt Alfred zich bij het gezelschap. Met het overlijden van Rosa in 1938 krijgt het leven van de Tuvy’s minder kleur. Ongetwijfeld zal de alleenstaande Joseph erg verdrietig zijn geweest om het heengaan van zijn moeder.

Naast zijn talenten op het gebied van talen en muziek kan Joseph ook goed schaken en dammen. In Schiebroek schaakt hij tijdens de bezoekjes met zijn neef Jacques. In Wassenaar meldt hij zich aan bij de “Roomsch Katholieke damclub St. Willibrordus” en komt zijn naam regelmatig voor in de wedstrijdverslagen die te lezen zijn in de Wassenaarsche Courant.

Tuvy 06

Uitslagen damwedstrijden, Wassenaarsche Courant 18 oktober 1940 (Delpher).

Tuvy 07

V.l.n.r. Alfred, Liza en Joseph, Bergen aan Zee, 1939
(foto: Petra en Pauline Hirschhorn).

Donkere wolken pakken zich samen boven Europa wanneer in Duitsland Adolf Hitler in 1933 aan de macht is gekomen. Op 1 september 1939 is de Tweede Wereldoorlog een feit en maakt men zich in ons land grote zorgen of we ook deze keer neutraal zullen blijven. Het loopt allemaal anders.

Na de capitulatie op 15 mei 1940 trekken de Duitsers ons land binnen en volgt de bezetting. De anti-Joodse maatregelen die al van kracht waren in nazi-Duitsland worden hier al snel ingevoerd.

Wanneer op 10 januari 1941 de aanmeldingsplicht voor alle Joodse personen van kracht wordt, laat Joseph zich op 19 februari registreren. Ambtenaren werkzaam bij de bevolkingsregisters krijgen de opdracht om de persoonsbewijzen van Joden te voorzien van een gestempelde J. Ook op de persoonskaarten in de gemeentekantoren moet een J worden geplaatst. Eind februari kan Joseph nog meedoen aan een damwedstrijd. Het is de laatste keer.

Broer Alfred trouwt in december 1941 met de niet-joodse Liza. Alfred en Liza hopen door hun huwelijk dat Alfred uit de handen zal blijven van de nazi’s. Isac en Marcel zijn al ruim voor de oorlog getrouwd. Hun huwelijken zullen net als dat van Alfred kinderloos blijven. Vanaf 3 mei 1942 worden Joden ouder dan vijf jaar verplicht om een zespuntige gele Davidster, met in het midden het woord JOOD, zichtbaar op hun kleding te dragen. Duitsers controleren of de ster op de juiste manier wordt gedragen. Joseph, alleenstaand, die waarschijnlijk niet handig is met naald en draad, bevestigt zijn ster met een veiligheidsspeld. Of doet hij dit om zijn aversie tegen de stigmatisering van Joodse burgers te laten blijken? Op 5 juni wordt hij door de SS-Hauptscharführer Fischer van de Sicherheitspolizei gearresteerd en in eerste instantie ingesloten op het politiebureau aan de Van Zuylen van Nijeveltstraat, dat gelegen is op een steenworp afstand van zijn woning. Blijkbaar is het vastmaken van de ster met een veiligheidsspeld voldoende reden om iemand op te pakken en naar de gevangenis te sturen.

Joseph wordt nog diezelfde dag door Wassenaarse agenten overgebracht naar de SD in Den Haag. Op 12 december komt Joseph aan in Westerbork. Wat er in de tussenliggende tijd gebeurt is niet duidelijk.

In het doorgangskamp wordt hij geplaatst in Strafbarak 66. De plaatsing in de strafbarak kan wijzen op het incident met de ster, maar het kan ook zijn verklaring vinden in het opgepakt worden vanuit de onderduik. In de familie circuleert het verhaal over een arrestatie van Joseph: hij koopt van een NSB-er het blad “Volk en Vaderland” en verscheurt dat demonstratief. Joseph is in bezit van een Turkse pas - die hem had kunnen redden - , maar heeft die op dat moment niet bij zich.

 Tuvy 08

Kaart Joodsche Raad van Joseph Tuvy (Arolsen Archives).

Een andere opvallende gebeurtenis is het feit dat er op 6 januari 1943 in het Algemeen Politieblad om de aanhouding van Joseph wordt verzocht, terwijl hij al vanaf 12 december 1942 in Westerbork is en op 11 januari 1943 op transport gaat.

“De commissaris van politie te Wassenaar verzoekt opsporing, aanhouding en voorgeleiding van Joseph Tuvy, wonende te Wassenaar. Hij heeft zonder de daartoe vereiste vergunning zijn woonplaats verlaten”. Met deze omschrijving worden Joden aangeduid die zijn ondergedoken.

Leon die inmiddels ook in Westerbork verblijft ziet zijn zoon daar nog eenmaal.

Op maandag 11 januari 1943 vertrekt uit Westerbork het 43ste transport met als bestemming Auschwitz. Naast Joseph maken 749 gedeporteerden, verdeeld over 15 wagons, de reis naar het vernietigingskamp. De meesten, onder wie Joseph, worden direct na aankomst op 14 januari vermoord. Joseph bereikt de leeftijd van 54 jaar.

Van het gezin van Leon en Rosa heeft niemand de Holocaust overleefd.

Rosa is al overleden in 1938 in Rotterdam. Haar dochter Sarica sterft in 1940 in Boekarest een natuurlijke dood. Behalve Jacques hebben drie andere kinderen van Sarica de oorlog overleefd en in Roemenië een bestaan opgebouwd.

Leon wordt in 1944 op 83-jarige leeftijd vermoord in Auschwitz.

Alfred vindt de dood in Ellecom[1] in 1942. Hij is dan 50 jaar. Zijn echtgenote Liza overleeft. Het graf van Alfred bevindt zich op de begraafplaats van Ellecom.

Isac (49 jaar) sterft in Auschwitz in 1942. Kort hiervoor is het huwelijk van Isac ontbonden. Het echtpaar hoopte op deze manier hun bezittingen veilig te stellen. Zijn niet-joodse echtgenote overleeft de oorlog.

Marcel (48 jaar) en zijn vrouw Lea Tuvy-Catz (34 jaar) worden op 22 april 1943 in Auschwitz vermoord. 

Jacques Hirschhorn duikt vanaf eind mei 1943 onder op verschillende adressen in Rotterdam. Op Dolle Dinsdag, 5 september 1944, maakt Jacques gebruik van de paniek onder de NSB’ers en Duitsers en duikt, samen met een vriend, onder  in zijn eigen huis, het pension van tante Liza. Naast een pensiongast biedt Liza ook onderdak aan meerdere onderduikers die proberen te overleven. Het wordt spannend wanneer op 10 en 11 november een grote razzia[2] in Rotterdam wordt gehouden. Jacques en zijn vriend weten het huis op tijd te ontvluchten en houden zich schuil in het open veld tot de kust weer veilig is. Jacques, zijn twee dochters en kleinzoon zijn de enige nabestaanden van de Nederlandse tak van de familie Tuvy.

 Tuvy 08

Grafsteen van o.a. Alfred Tuvy, Begraafplaats Ellecom,
gemeente Rheden (foto: Ank Horstink).

 

Tuvy 09

Cornelis de Wittstraat 20 (foto: Mariëtte van Lit-Pieterse).

Ter nagedachtenis aan

Joseph Tuvy

is er op de Cornelis de Wittstraat 20

een struikelsteen geplaatst.

Tuvy 10

Foto Patrick Kop

©Ton Beijersbergen

Werkgroep Struikelstenen Wassenaar

https://www.oudwassenaer.nl/2e-wereldoorlog/struikelstenen

[1] Het Joodse dwangarbeiderskamp (met de ironische naam “Palestina”) op het landgoed Avegoor bij Ellecom.

[2] De razzia van Rotterdam en Schiedam op 10 en 11 november 1944 is de grootste die de Duitse bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft gehouden. Bij deze razzia zijn ongeveer 52.000 van de 70.000 mannen van 17 tot en met 40 jaar oud uit Rotterdam en Schiedam weggevoerd.

[1] Zionisme is een politieke beweging die streeft naar een Joodse staat in Israël. Het is gebaseerd op het verlangen van het Joodse volk om terug te keren naar het land Israël. Dit verlangen is al meer dan tweeduizend jaar oud.

[1] Motza, ook wel Mozah of Motsa, is een wijk aan de westelijke rand van Jeruzalem. Motza wordt in 1854 opgericht en is de eerste Joodse boerderij die buiten de muren van de Oude Stad werd gesticht.

[1] Jaffa is een oude havenstad en tegenwoordig een stadsdistrict van de gemeente Tel Aviv-Jaffa.

[2] Craiova ligt hemelsbreed op ongeveer 180 km ten westen van de Roemeense hoofdstad Boekarest.

Historisch Informatie Punt (HIP)

Iedere laatste zaterdag van de maand (behalve in de zomermaanden) is het Historisch Informatie Punt (HIP) in de Bibliotheek aan de Langstraat geopend. Tussen 11.00 en 16.00 kunt u hier terecht met vragen en opmerkingen over de geschiedenis van Wassenaar.

Doelstelling

Op de bres staan voor de cultuurhistorie van Wassenaar, dat is wat de vereniging wil. Dat doet zij o.a. door het bevorderen van de lokale monumentenzorg, het organiseren van lezingen, cursussen, excursies en tentoonstellingen en het uitgeven van publicaties.

Contact Historische Vereniging Oud Wassenaer

Secretaris M.F.J. Spierings - info@oudwassenaer.nl